To fagitó

We beginnen ons aan te passen aan het ritme hier. We eten ’s middags warm (de pasta van gisteren en een lekkere tomatensalade) en houden daarna siesta. De zon heeft de buien verdreven en zorgt ervoor dat vroeg opstaan, laat naar bed en je midden op de dag meer gedeisd houden, door onze lijven zeer op prijs wordt gesteld. Langzamer lopen hoort daar ook bij, maar of we ooit het Griekse wandeltempo in de benen krijgen is de vraag. Dat is namelijk traaaag. Tijdens de avondwandeling (volta) wordt het tempo in traagheid nog overtroffen: ze staan net niet stil. Jaren geleden deden wij op vakantie een doelbewuste poging ons te beperken tot het lokale tempo. Het werd genadeloos afgestraft door een paar jonge knullen met de opmerking “iene xenoi” (het zijn buitenlanders). Vanavond zijn het vooral de (klein)dochters die hun stokoude moeder aan de arm nemen voor een beetje frisse lucht na zonsondergang. In het drukbezochte afhaalrestaurant om de hoek denken we een kipsouvlaki met frites en salade te bestellen. Gelukkig deden we het fout: het pitabroodje met stukjes kip is meer dan voldoende voor vanavond. We nemen het afhaalfoldertje mee, zodat we volgende keer voorbereid zijn.

19 juni 2006