Boilers
Griekenland
is een land van boilers. Iedereen die hier op vakantie in een
appartementje heeft gebivakkeerd, kent het ritueel. In de meterkast zit
een knop voor de boiler. Het duurt een half uur voordat je heet water
hebt. De knop moet absoluut uit voordat je onder de douche stapt (zowel
boiler als de stekkerdoos hangt vaak boven het bad) en je wordt op het
hart gedrukt om de boiler niet de hele dag aan te laten staan. Of dat
is uit bezorgdheid om de energierekening – de boilers zijn meestal niet
geïsoleerd – of uit angst dat ze oververhit raken is me onduidelijk.
Ons
tijdelijk onderkomen is aangesloten op aardgas vandaag. Een stel mannen
is de halve dag in en uitgelopen om er de laatste hand aan te leggen.
Dat betekent dat ik niet langer ’s ochtends een half uur voor het
opstaan mijn bed uithoef om de boiler aan te zetten. De opzichter – hij
neemt zijn werk letterlijk en ziet al leunend op de balkonrand toe hoe
een ander zich in het zweet werkt – vertelt Ton vol trots dat aardgas
zo veel veiliger is. En zo veel beter voor het milieu. Hij wil
eigenlijk niet weten van aardgaslekken en ontploffingen in Amsterdam.
De centrale verwarming wordt uitgeprobeerd bij een buitentemperatuur
van 35 graden. Ach, het was toch al warm in huis …
To fagitó
Aardappelsalade
gemaakt op z’n Grieks. Lekker simpel: gekookte aardappel in plakjes met
rode ui, een dot peterselie, olijfolie en azijn. Omelet met dille,
paprika en ham erbij en klaar.
