“De claxon gebruik je bij het afwenden van direct gevaar…” Ehhh…

Natuurlijk ook wanneer je als vijfde in de rij voor het stoplicht staat, op het moment dat het licht op groen springt. Degene die vooraan staat mocht het eens niet doorhebben. ‘Nr 5’ claxonneert maar vast. Helemaal ongelijk heeft hij niet, want in 2 van de 3 keer staat de eerst auto zover voorbij het stoplicht dat hij deze echt niet meer kan zien en er geen idee van heeft dat het licht op groen springt.

Veel woonwijken hebben smalle eenrichtingsstraten en vaak staan auto’s tot in de bocht geparkeerd, waardoor het bijna niet te zien is of er iemand uit de zijstraat komt. Er zijn nogal wat automobilisten die vinden dat een korte tik op de claxon bij iedere zijstraat waar je voorbij komt geen kwaad kan. Het is tenslotte mogelijk dat er een auto uit komt.

Een feest wordt het natuurlijk wanneer je met elkaar helemaal vast staat op een kruispunt. Zoals vandaag op Irakliou, een grote winkelstraat én doorgaande straat hier in de buurt. Asfalteren moet natuurlijk, maar wanneer zo’n straat dan van 2-baans naar 1-baans versmald, en net na een grote kruising, dan zijn de poppen aan het dansen. Iedereen ziet al dat vrachtwagens half in de bocht stilstaan en dat bij groen er geen beweging in de rij aan de overkant van de weg komt. Toch rij je door, want ‘nr 5’ heeft zijn claxon al lang gevonden. En zo sta je met een auto of 10 midden op het kruispunt en krijgt het verkeer in de dwarsstraten groen. Ineens weet je weer wat Amerikanen met ‘grid-lock’ bedoelen. Geen kant meer op kunnen en ongeveer op 5 millimeter van elkaar staan. Daar probeert dan nog een ietwat overspannen brom/motorbestuurder tussendoor te kruipen. Heftig scheldend op het overige verkeer. Je ziet je spiegel al aan gort gaan en de voorkant van je auto al in de kreukels liggen. Dan gebruik je je claxon. Een vriendelijke kordate manier om je medeweggebruiker duidelijk te maken dat hij @$%@#*^!(% bij je uit de buurt moet blijven en dat je nog altijd gehecht bent aan de lak op je auto.

Zo zit het verkeer in Athene vol claxon- en andere codes.

Wanneer je uit een uitrit komt en het is heel druk, dan laat je heel langzaam de neus van de auto de (voorrangs-)weg oprollen. Net zo lang totdat de volgende auto echt tegen je aan zou rijden, wanneer hij verder zou gaan. Dat vindt deze bestuurder ook niet iets waar hij naar uitkijkt en stopt, waarna jij een kordate trap op het gas geeft en de weg opschiet. Achter je zal nog zeker een auto of twee volgen, totdat de bekende ‘nr 5’ genoeg heeft van al dat voorrang verlenen en dat met zijn claxon laat weten aan zijn voorgangers. Dan houdt het invoegen even op.

“Voorrang neem je niet, voorrang krijg je…” Ehhh…

Dat klopt deels. Het stukje hiervoor laat zien dat je het ook wel eens afdwingt. Dat geldt ook vaak voor voorrangswegen. In principe gelden dezelfde regels als overal: het verkeer op een voorrangsweg heeft… juist: voorrang. Nou wil het nogal eens zijn dat een wat bredere weg geen voorrangsweg is en een smallere zijstraat wel. Dan gaan we er van uit dat die bredere weg eigenlijk de voorrangsweg weg en de smallere weg niet. Behalve natuurlijk wanneer er een vrachtwagen of bus uit die smallere weg komt, want dan krijgt die natuurlijk voorrang. Overigens krijgen die absoluut ook voorrang wanneer ze helemaal geen voorrang hebben. Da’s logisch, zou Cruyff zeggen.

Eigenlijk gaat het er dus heel beschaaft aan toe in Athene. Goed, het verkeer is op de grotere doorgaande wegen als Kimis, Kifisiou, OAKA, in een voortdurende toestand als op de Ring A10 rond Amsterdam: links en rechts inhalen en kriskras van de ene baan in de andere, met een tussenruimte waar je haren van overeind gaan staan. En dat alles bij een snelheid van rond de 80 km/h. Ook hier zie je (net als op de Ring A10), wanneer je in je achteruitkijkspiegel kijkt, dingen die je niet gelooft en waarvan je niet wilt dat minderjarigen dat zien. Gelukkig wordt je dan afgeleid omdat op dat moment iemand rechts voor je niet zijn baan houdt en langzaam naar links glijdt, waardoor die betonwagen ook maar naar links komt en jij ziet dat die betonrand links van jou écht niet opzij gaat. Dan gebruik je je claxon maar even.

Eerst kon ik de claxon eigenlijk niet vinden. Hij zit links en rechts op het middenstuk van m’n stuur en ik gebruikte hem eigenlijk nooit. En indien ik hem toch eens gebruikte kwam me dat vaak op misprijzen om het enorme lawaai te staan van Laurien. Gisteren, ik hing weer eens succesvol en geheeeeeel terecht (…) op de claxon, omdat iemand achter de heuvel waar ik net overheen kwam besloot een bus in te halen en ik op m’n rem moest om niet frontaal in z’n ogen te kunnen kijken, maakte ze de opmerking dat m’n claxon hier eigenlijk maar beschaaft klonk… Inburgeren kom je tegen op de raarste momenten.

In november of december komen we even naar Nederland. In verband met de verhuizing van m’n schoonouders. Het lijkt me heel apart om dan daar weer te rijden. Eens zien hoe ge-uitergreerd ik ben als ‘nr 5’ voor het stoplicht. Doe de oordoppen alvast maar in.

 

To fagitó

We eten makkelijk vandaag. Ik heb de door Soula gemaakte snijbonenstoof en de gehaktballen vanochtend uit de vriezer gehaald. Tomaten en komkommer voor de bijhorende salade heeft een mens hier altijd in huis. Tijdens het eten spreken we onze verbazing uit over twee zaken: het gebrek aan sirenes en aan vuil op straat. We wonen nu in een dichtbevolkte miljoenenstad – Groot Athene telt ruim 4 miljoen inwoners. Amsterdam is er maar een dorp bij. In de Pijp waren we gewend aan de dagelijkse sirenes van brandweer, politie en ambulance. We hebben nu een enkele keer de brandweer horen uitrukken naar een voor ons zichtbare stevige rookpluim, maar verder hoor je de hulpdiensten niet of nauwelijks. Geen idee hoe ze dat doen.

Aan vuil op straat wendden we in de Van Ostadestraat nooit. De hoeveelheid dwarrelende plastic zakken, peuken, blikjes in de bloemenbakken waren ons een doorn in het oog. Het is hier – en we overdrijven niet – een heel stuk schoner. In iedere straat staan hier afvalcontainers. Er is een aparte container voor plastic, blik, glas en karton en één voor papier. De vuilnis wordt dagelijks opgehaald – stakingen uitgezonderd. Zwerfvuil ligt er hier in de woonwijken en winkelstraten nauwelijks. Het schoon- en natspuiten van de straten (geeft koelte) kan je hier niet missen, maar ik zie mensen hier niet hele dagen vegen. Misschien moet Amsterdam hier maar eens in de leer ….

Ik krijg een Griekse koffie van Ton met een heel mooi schuimlaagje. Helaas kan ik het op het donkere balkon niet zien, maar lekker is het wel. Een metaxa erbij en een lekkere kanella met rozijntjes maken de maaltijd compleet.